Tom: C
| Am G | C F | Am G | C |
| C |
[Verse 1]
C Em/B F G
Op de Brusselse baan in een klein kantoor zit een man met zijn gitaar.
C Em/B F G
En de mensen komen in grote drommen en ze wachten op hun lied.
C Em/B F G
Hij maakt tijd voor iedereen en je krijgt wat jij verdient.
C Em/B F G
Je hoeft niks te vertellen, hij kijkt in je ogen en hij weet wat jou bezielt.
[Chorus]
Am G C F Am G C C
Een lied dat jou zal helen, een lied van jouw bestaan,
Am G C F Am G
je hoeft het niet te delen, jouw eigen pleisterplaat.
[Interlude]
| Am G | C F | Am G | C |
| C |
[Verse 2]
C Em/B
Ik ging zelf nog niet maar ik hoorde 't van een vriend,
F G
hij vertelde met grote ogen.
C Em/B F G
En hij huilde, hij huilde als een kind en hij zei: ik ben herboren.
C Em/B F G
Het kost niet veel, alleen maar moed en ik geloof, mijn beste vrienden:
C Em/B F G
de zon breekt door terwijl ik rijd en ik weet dit komt weer goed.
[Chorus]
Am G C F Am G C C
Een lied dat mij kan helen, een lied van mijn bestaan,
Am G C F Am G
ik hoef het niet te delen, mijn eigen pleisterplaat.
[Interlude]
| Am G | C F | Am G | C |
| Am G | C F | Am G | C |
[End-Chorus]
Am G C F Am G C C
Een lied dat mij zal helen, mijn eigen pleisterplaat,
Am G C F Am G C
ik wil het met je delen, mijn eigen pleisterplaat.